Dat vlechtwerk zeer oud is staat buiten twijfel. Door de vergankelijkheid van het materiaal is er zeer weinig van teruggevonden. Een mand van 100 jaar oud, is al heel respectabel. Toch zijn er enkele archeologische vondsten van enige duizenden jaren oud bekend.

Onder andere een fuik die technisch zeer perfect is, welke gevonden is in de Leidse Rijn in Utrecht. Ook is er keramisch materiaal gevonden met afdrukken van vlechtwerk op. Dit staaft de hypothese dat de eerste gebakken potten met klei besmeerde manden zouden kunnen geweest zijn. Het vlechtwerk verbrandde natuurlijk bij het bakken maar liet zijn afdruk na op het aardewerk.

De prehistorische mens vlocht de wanden van zijn woningen (bandkeramiekers) Hoe meer men zich vast vestigde en aan landbouw ging doen, hoe meer bevattende voorwerpen men nodig had. Primitief vlechtwerk heeft ook geen werktuigen nodig. Een vak met ingewikkelde werktuigen kan nooit oud zijn. Taalkundig heeft het woord vlechten in een aantal talen dezelfde stam wat ook een teken van grote ouderdom is.

Bronvermelding: Wikipedia